Obdam betekenis & definitie

Gem. in het West-Friesche zeekleigebied der prov. N.

Holland, aan de spoorlijn Alkmaar—Hoorn; met enkele droogmakerijen als Wogmeer en Berkmeer; opp. 1 261 ha, omvattend het dorp O. en de buurtschappen Noord-Spierdijk, Wogmeer, Verlaatsweg, Berkmeer en Obdammerdijk. Ca. 1 900 inw. (1936), waarvan 87 % Kath. (behoorend o.a. tot de parochies O., Spanbroek en Spierdijk), ruim 11 % Prot. en ruim 1 % onkerkelijk.

Er is tuinbouw met veiling, landbouw en veeteelt.