Obbe Philipsz betekenis & definitie

Wederdooper van gematigde richting. *Ca. 1500 te Leeuwarden als zoon van een priester, ♱ 1568. Hij trad als oudste of zgn. bisschop der Anabaptisten op, hield opruiende preeken, moest vluchten naar Amsterdam en belandde na jarenlang rondzwerven in 1539 te Rostock in Mecklenburg.

Ontgoocheld door het fanatieke optreden van vele Anabaptisten, trad hij uit de sekte en schreef zijn „Bekentenisse” (Amsterdam 1584).Lit.: Knappert, Het ontstaan en de vestiging v. h. Prot. in de Ned. (1924, met lit.-opgave).