Katholieke Encyclopaedie

Uitgeverij Joost van den Vondel (1933-1939)

Gepubliceerd op 18-09-2019

Langen

betekenis & definitie

1° Karel Frederik Hendrik van, kenner van het Atjèhsch. * 28 Maart 1848 te Willem I (res. Semarang, N.I.), † 18 April 1915 te Ede. In 1892 ter beschikking gesteld van den gouverneur van Atjèh met het oog op de behartiging der Atjèhsche zaken in het algemeen en voor de invoering van de zgn. scheepvaartregeling in het bijzonder.

Was viermaal, telkens voor een korten tijd, waarnemend gouverneur van Atjèh, en werd in 1898 op verzoek eervol ontslagen. Hij maakte zich, behalve als ambtenaar, vooral verdienstelijk door zijn vsch. bijdragen over land en volk van Atjèh, zijn handleiding voor de beoefening der Atjèhsche taal en zijn woordenboek der Atjèhsche taal, boeken, die wel is waar door nieuwere publicaties overbodig zijn geworden, maar belangrijk zijn als eerste poging. Olthof.

2° Rudolf von, Humanist. * 1438 te Everswinkel bij Munster, † 1519 te Munster als domproost. Goed docent, dichter van Lat. verzen. L. was kanunnik in Munster en behoorde tot den kring van Thomas a Kempis; hij hervormde het schoolwezen in Westfalen, onder zijn leiding bloeide de Munstersche domschool.

Zr. Agnes.

< >

Studenten en medewerkers van onderwijsinstellingen hebben gratis toegang.

Ensie voor jouw (onderwijs)instelling? Bekijk de mogelijkheden.

✓ Bedankt! We nemen zo snel mogelijk contact met je op.
Er ging iets mis. Probeer het opnieuw.