Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Gepubliceerd op 18-04-2019

Bruggen

betekenis & definitie

Bruggen - 1° Carry van, geb. de Haan, Ned. romanschrijfster en essayïste; * 1881 te Smilde uit een Joodsch gezin, † 1930; haar broer was de Joodsche dichter Jacob Israël de → Haan. Zij trouwde met Kees van Bruggen en vergezelde hem naar Indië.

C. v. B. was een tijdlang werkzaam als onderwijzeres en schetst in haar werk gaarne het Joodsche kinderleven. Uit het realisme ontwikkelde zij zich naar een meer spiritualistische wereldbeschouwing, verantwoord in eenige werken van wijsgeerigen aard.

Werken: romans : In de schaduw (1907); Breischooltje (1910); De Verlatene (1911); Heleen (1913); Het Joodje (1914); Een coquette vrouw (1915); De klas van twaalf (1924); Eva (1928). Essays: Modern Fetichisme; Prometheus. “Asselbergs.

” 2° Guillaume Anne van der, Nned. schilder, vooral van dieren. * 2 Nov. 1811 te Nijmegen, † 18 Juli 1891 te Ubbergen. Leerde bij van Os. Fijn geteekende hondenstudies.

3° Kees van, Ned. romanschrijver en journalist; * 1874 te Den Helder; heeft een vlot vertellerstalent, gevoel voor humor, vaak geestige invallen, doch te veel neiging naar het zuur-ironische. Een tijdlang was v. B. socialist. Later weer gematigd liberaal. Werkte mee aan Het Volk, de Deli Courant, Algemeen Handelsblad, de Groene Amsterdammer.

Voorn. werken: Het Verstoorde mierennest (1916); Een goed huwelijk (1918); Zondvloed (1920); Op dood spoor (1924); De verlaten man (1928).

Asselbergs.

” 4° Staf, één van Vlaanderens beste en verdienstelijkste beroepsacteurs; nauwgezet artist en geboren acteur, hoogbegaafd mimicus, met sonoor en zuiver spraakorgaan; oefende op het Vlaamsche dilettantentooneel een geweldigen invloed uit. * 16 Febr. 1893 te Schaarbeek. Studeerde aan het Antwerpsche Conservatorium (1914), stichtte tijdens den Wereldoorlog te Göttingen het Krijgsgevangenentooneel, maakte deel uit van het Fronttooneel H. M. de Koningin (1919), stichtte en leidde het officieel Tooneelkunstgezelschap van de V.O.S. (1920), ging over naar het Vlaamsche Volkstooneel onder dr. Osc. de Gruyter en later onder Joh. de Meester Jr. (1924); staat sedert 1930 aan het hoofd van het reizend gezelschap: Het Nieuw Volkstooneel (sedert Juni 1931: Het Nationaal Vlaamsch tooneel).

Lit. : Pieter G. Buckinx, Staf Bruggen (1929; hooggestemd loflied met biographischen ondergrond).

Godelaine.