Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Gepubliceerd op 21-03-2019

Ark

betekenis & definitie

Ark - zie Woonark. Rechthoekig vaartuig of bak, meestal zonder mast of zeil of voortstuwingsvermogen en waarop een tot woning of berging ingericht verblijf is aangebracht. Bijvoet. Directie-arken, woonschepen, voorzien van kantoor, zit- en slaapkamers plus keuken; worden gebruikt bij baggerwerken voor het onderdak brengen van uitvoerders, toezicht houdende Rijksambtenaren enz., indien geen behoorlijke huisvesting in de buurt voorhanden is.

Volksarken, woonschepen, voorzien van een gemeenschappelijke slaapzaal en keuken voor het onderdak brengen van polderjongens, rijswerkers, steenzetters enz. E. Bongaerts.