Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Gepubliceerd op 22-04-2018

Aartsdiakenen en aartsdiakonaten in Utrecht

betekenis & definitie

A. was oorspronkelijk de voornaamste diaken van het domkapittel, belast met beheer van vermogen en armenzorg en deelend in de jurisdictie van den bisschop. Sinds 900 werden vele diocesen in aartsdiakonaten verdeeld (in Utrecht sinds 1135). De a. moesten dit district visiteeren; zij oefenden er de geestelijke rechtspraak uit en stelden pastoors aan. In Utr. ontstonden aldus elf aartsdiakonaten, staande onder de proosten van de vijf Utrechtsche kapittelkerken, benevens de proosten van Tiel (Arnhem), Emmerik, Deventer en Oldenzaal, verder het choor- episcopaat en de proostdij van W. Friesl., beide onder domkanunniken.

L i t.: R. R. Post, Eigen kerken en het bisschoppelijk gezag (1928, 128-129). Post.