Vieze Man betekenis & definitie

Ike Turner deed daarbij heel rare dingen met zijn tong en de microfoon. De vieze man, maar dan echt. (Het Parool 18-7-1995)

De Vieze Man van Kees van Kooten was niet de eerste in z’n soort, en zeker niet de laatste. De wereld blijkt te wemelen van de vieze mannen. Als je ‘vieze man’ nazoekt in de digitale bestanden van kranten rollen ze er bij bosjes uit. Een kleine greep: Menno Buch wordt ‘de vieze man van Veronica’ genoemd en Willibrord Frequin ‘de vieze man van Hilversum’. Ulrich Seidl staat bekend als ‘de Oostenrijkse vieze man’ en Walt Disney werd een paar jaar geleden ontmaskerd als ‘de vieze man van Hollywood’. Van Ursul de Geer is gezegd dat hij ‘een vieze man in een net pak’ is. Zonder nadere bepaling zijn - om uiteenlopende redenen - onder meer Brett Anderson, Herman Brood, Gerard Reve, Docters van Leeuwen, Friedrich Weinreb en Joop Wilhelmus vieze mannen genoemd. Zelfs Rembrandt zou een vieze man zijn geweest. Althans, in 1992 schreef Jan Wolkers in de NRC: ‘Men vond Rembrandt nogal eens een vieze man. En dat was hij, gode zij dank, van tijd tot tijd misschien ook wel.’

Kees van Kooten liep in 1981 een anonieme vieze man tegen het lijf. Aan het literaire tijdschrift Hersenspinsels vertelde hij hierover later:

Ik wandelde eens met mijn dochter in het Spanderswoud, ze was toen een jaar of drie. Ik kwam toen een man tegen en hij zei: ‘Ik zou niet verder lopen met dat meisje, want daar liggen er twee.’

En toen die man dat zei, zag ik dat hij loog. Hij vond het spannend om te vertellen. Toen gingen we naar huis. En toen we moesten filmen, zei ik tegen onze grimeur: ‘Ik wil een vieze man doen.’ Ik heb een regenjas aangetrokken die aan de kapstok hing, ik heb mijn haar geverfd en ik had me nog niet geschoren. Toen zijn we teruggegaan naar die plek in het bos. Wim liep daar meteen hondje en ik zei dus op de plaats waar die man tegen mij had gezegd: ‘Eh... gaat u met dat hondje... eh.’ Zo is ie ontstaan, de Vieze Man.

De sketch van de Vieze Man die in het bos meneer Foppe (De Bie) aanspreekt, werd uitgezonden op 12 april 1981. De conversatie begint als volgt:

VIEZE MAN:
‘Ga je deze kant op?

FOPPE:
‘Ja.’

VIEZE MAN:
‘Uitkijken, hoor, daar.’

FOPPE:
‘O jee, is er wat gebeurd?’

VIEZE MAN:
‘D’r liggen er twee. Er zijn er twee met elkaar bezig.’

FOPPE:
‘Ach, ’t is lente hè.’

VIEZE MAN:
‘Nee, het zijn twee kerels.’

Vervolgens blijken er ook nog, aan de andere kant van het bospad, twee naakte vrouwen met elkaar bezig te zijn en ‘vier, nee zeven naakte stellen’. Aldus de Vieze Man. Overigens heette hij toen nog niet zo. Die naam Vieze Man kreeg hij niet lang daarna van ir. Walter de Rochebrune, een even erudiet als smoezelig typetje van Wim de Bie. In 1984 verschenen zij samen op een videoband getiteld Vieze Mannen. De Vieze Man is een van de bekendste typetjes van Kees van Kooten. Hij was afstotend en ontroerend tegelijk. Hij at van het eelt onder zijn voeten, hij rook aan een bankje in het park waar zojuist een mejuffrouw had gezeten, hij fantaseerde hoe het zou voelen om een donzig paaskuikentje met van die ijzerdraadpootjes op je eikel te zetten, hij huurde pornovideo’s die hij - bij gebrek aan een afspeler buiten tegen het licht hield en hij stopte batterijen in zijn achterste om te testen of er nog stroom op stond. Allemaal zaken waar hij, naar eigen zeggen, ballen van in zijn buik kreeg.

In zijn beroemdste sketch praat de Vieze Man in een keurige chocolaterie zo vunzig over bonbons met zachte vulling, dat je die niet meer kunt kopen zonder aan hem te denken. Tijdens die scène zegt hij een paar keer, smakkend op een bonbon: ‘Nou komt het nat’ - een uitdrukking die, net als ballen in m’n buik, alleen in kringen van Van Kooten en De Bie-fans nog wel eens wordt aangehaald.

De grote bekendheid van Van Kootens Vieze Man heeft een curieus effect op het Nederlands gehad. Het typetje is zó bekend dat het bijna niet meer lukt om de woorden vieze man op te tikken zonder aan de Vieze Man te denken. Het gevolg hiervan is dat in kranten vieze man geregeld met hoofdletters wordt geschreven. Zo schreef de NRC in 1996, onder de kop ‘Al Pacino als familielid van de Vieze Man op het toneel’: ‘Op zulke momenten is Pacino’s Erie familie van De Vieze Man, een verfijnde neef die in de goot is geraakt.’

Behalve naar hoofdletters grijpt men ook naar aanhalingstekens. Trouw had het eens over ‘een onmogelijke, kwijlende kerel, een “vieze man” avant la lettre’. Het Algemeen Dagblad gebruikte in 1994 zelfs een combinatie van hoofdletters en aanhalingstekens:

In Utrecht zullen de heksen in het midden van hun heksenkring een ‘Vieze Man’ verbranden, bij wijze van protest tegen aanranding & verkrachting. Allemachtig, daar zullen wij toch weer heen moeten, voor een indringende reportage. Want een krijsende Hedy d’Ancona, gezeten op een bezemsteel, dat kunnen wij natuurlijk niet laten lopen.

Van Kooten en De Bie hebben de taal op veel manieren beïnvloed, maar dit is de subtielste: door een klassiek typetje verschijnen hoofdletters en aanhalingstekens op plaatsen waar ze strikt genomen niet nodig zijn en waar ze, vóór Van Kootens wandelingetje in het Spanderswoud, nooit zouden hebben gestaan. Daarnaast doen combinaties als vieze-man-achtige, vieze man-monoloog, vieze-mannenhok en suikerzakjesverzamelaars-in-vieze-man-regenjassen de invloed van Van Kooten en De Bie vermoeden.

Er is nog iets anders: sinds het ranzige typetje van Van Kooten lijkt vieze man vaker als bijnaam te worden gebruikt. Niet alleen voor personen, maar zelfs voor landen. Vooral ‘de vieze man van Europa’ is populair. Engeland, Frankrijk, Denemarken, Nederland en Wallonië zijn zo genoemd. West-Bengalen is ‘de vieze man van India’ genoemd, maar dat zal oorspronkelijk wel in het Engels zijn gebeurd. Het gaat hier kennelijk om de zoveelste variant op de uitdrukking de zieke man van Europa, waarmee in de negentiende eeuw Turkije werd aangeduid.

Een apart geval is Aad Kosto. Kosto was staatssecretaris van Justitie toen Den Haag besloot het asielbeleid van het Ministerie van wvc over te hevelen naar Justitie. Maar zijn partijgenote Hedy d’Ancona, indertijd minister van wvc, meende dat haar ministerie veel menselijker te werk ging. Kosto reageerde daar in 1994 fel op in het Nieuwsblad Migranten:

D’Ancona vindt dat Justitie de opvang niet mag doen, omdat het ook de instantie is die opsluit. Ik voel dat als een affront tegen Justitie. Waar ik bezwaar tegen heb is dat D’Ancona er good guys en bad guys van maakt. Ik ben dat gewend, vandaar dat ik me schertsenderwijs, maar met een bittere ondertoon, de vieze man van het kabinet noem.

Aad Kosto als de zelfbenoemde Vieze Man van het kabinet - het zou hem eindeloos worden nagedragen en uiteindelijk werd hij, door zijn asielbeleid, zelfs het slachtoffer van een bomaanslag. Dan is het toch veiliger om wandelaars in het bos te waarschuwen dat er verderop twee liggen te... uh...

Zie ook geilneef.