Dr. Clavan betekenis & definitie

Je kunt geen actualiteitenprogramma meer aanzetten of er is wel een prof. Clavan in beeld. (De Groene Amsterdammer 28-2-1996)

Eind 1989 brak in Oost-Duitsland de hel los. De bevolking kwam in opstand: tegen het regime, tegen de Muur, tegen de communisten. Tegelijkertijd begon het flink te rommelen in Roemenië. In hun tvprogramma Keek op de Week besteedden Van Kooten en De Bie in de rubriek Kijk op het Rijk vooral aandacht aan de binnenlandse politiek. Maar op 12 november 1989 wilde Louc Hobbema, een typetje van Wim de Bie, in de eerste plaats de turbulente ontwikkelingen buiten de landsgrenzen onder de loep nemen. Hij had daartoe een wetenschapper uitgenodigd, de Oost-Europadeskundige dr. Remco Clavan van de Universiteit van Limburg.

Dr. Clavan was een opmerkelijke verschijning: hij had een ouderwets wollen jasje aan met een grof visgraatmotief, een vlinderdasje met brede witte en rode strepen, hij hield zijn armen stijf over elkaar en zijn rode haar stond zo recht overeind dat het leek of hij vlak voor de uitzending door de bliksem was getroffen. Bovendien sliste hij en draaide hij met zijn ogen.

De conversatie verliep niet minder opvallend:

HOBBEMA:
‘Dokter Clavan, het gaat allemaal ongelooflijk snel hè?’

CLAVAN:
‘Meneer Hobéma, het gaat eh, ongelooflijk snel.’

HOBBEMA:
‘In een week tijd treedt de regering af, er komt een nieuw Politbureau, een vervroegde Partijconferentie... het is toch niet gering, hè, wat daar gebeurt?’

CLAVAN:
‘Als u nagaat dat in één week tijd de regering aftreedt, dat er een nieuw Politbureau wordt benoemd, dat er een vervroegde Partijconferentie wordt uitgeschreven... Dat is niet gering hoor, wat daar gebeurt.’

HOBBEMA:
‘En dan de Muur, die eigenlijk geen functie meer heeft...’

CLAVAN:
‘De Muur heeft eigenlijk geen functie meer.’

Zo gaat het nog een tijdje door. Clavan voegt helemaal niets aan het gesprek toe, hij echoot alleen de vraag, in iets andere bewoordingen.

Dit verschijnsel was niet alleen bij Van Kooten en De Bie te zien, maar ook op de andere netten. Oost-Europa stond in brand en vanzelfsprekend gingen alle actualiteitenprogramma’s daarop in. Alleen: de ontwikkelingen gingen zo snel en waren zo onduidelijk dat de gemiddelde leek die z’n krant had gelezen en naar CNN had gekeken, er evenveel zinnigs over kon opmerken als een wetenschapper die er jaren voor had doorgeleerd. Het was alom koffiedik kijken, speculeren en zinnen vullen zonder veel te zeggen. En dat was precies wat Van Kooten en De Bie met dr. Clavan genadeloos persifleerden.

Het typetje zelf kwam niet uit de lucht vallen maar was geïnspireerd op een medewerker van het EO-programma Tijdsein. Van Kooten en De Bie leenden de naam Clavan van Mick Clavan, in de jaren vijftig een befaamde linksbinnen van de Haagse voetbalclub ADO.

Dr. Remco Clavan vulde een leemte in de Nederlandse taal. Vooral televisiejournalisten hebben een hekel aan wetenschappers die te genuanceerd zijn en te veel moeilijke woorden gebruiken, want dat doet de kijkers naar de afstandsbediening grijpen. Voortaan werd zo iemand een doctor Clavan genoemd.

Aanvankelijk werd dr. Clavan alleen gebruikt voor ‘Oost-Europadeskundige’, maar al snel kreeg het de betekenis van ‘academische deskundige in het algemeen’. De universiteit van Utrecht speelde daar in januari 1991 handig op in door een gidsje uit te geven met de titel Mag ik dr. Clavan even? Het bevatte een alfabetisch overzicht van deskundigheden van de wetenschappers aan de Utrechtse universiteit. Omdat vooral mannen op de buis hun academische zegje mogen komen doen, gaf het ‘Bureau Beeldvorming m/v’ van de NOS een jaar later een brochure uit waarin dit aan de kaak werd gesteld. De titel lag voor de hand: Het Doctor Clavan-complex.

Sinds 1989 is dr. Clavan niet meer uit de geschreven media weggeweest. In vrijwel alle kranten duikt hij zo nu en dan op. Zo meldde de NRC in 1991: ‘De dr. Clavan’s van de internationale beurzen hadden geen rustig weekend, want ze werden overal voor de camera’s en de microfoons gesleept.’ En in 1998 schreef Trouw: ‘Toen wij een goede uitslag maakten, kwamen de “doctors Clavan” uitleggen dat we dat te danken hadden aan het asielzoekersprobleem.’ Remco’s achternaam is gebruikt in samenstellingen als Indonesië-Clavans, dr. Clavan-commentaar, het Clavan-effect en super-Clavan (als aanduiding voor de Leidse hoogleraar René Diekstra). Zijn naam wordt opmerkelijk vaak in het meervoud gebruikt, en een enkele keer verkeerd gespeld, als Klavan.

Clavan is een van de weinige typetjes die terugkeren in een boek van Kees van Kooten. Dat gebeurde in 1991 in Zwemmen met droog haar. Van Kooten beschrijft hierin hoe hij via de Nederlandse ambassadeur in Boekarest een visum probeert te regelen voor een Roemeense kennis:

‘Mag ik u, namens doctor Clavan, hartelijk bedanken voor alle moeite?’ vroeg ik ijdel.

‘Namens wie?’ vroeg de Ambassadeur.

‘Namens doctor Cla-van’, spelde ik; ‘de Oost-Europa-deskundige.’

‘Nee, die naam zegt mij niets.’

‘Maar ook heel hartelijk dank namens mij persoonlijk, natuurlijk.’

‘Gaarne gedaan. En uw naam was?’

Clavan had - tot slot - ook de nodige impact op de Oost-Europakunde in het algemeen en op één Oost-Europadeskundige in het bijzonder. In maart 1998 verklaarde prof. dr. A. Gerrits, hoogleraar Oost-Europese studies, in de Volkskrant:
Dr. Clavan was een prachtig typetje dat merkbaar invloed heeft gehad. De media zijn toen namelijk direct opgehouden om dr. Clavans voor de buis te halen. Ik vond het heel prettig om niet meer te hoeven opdraven, want meestal praat je met een journalist die zo snugger mogelijk wil overkomen. Je krijgt vaak een sturende vraag, waarop alleen een bevestigend antwoord mogelijk is. Ik had dan ook altijd het idee dat de dr. Clavan-persiflage eerder de journalist te kakken zette, dan de Oosteuropa-deskundige.

Voor Oost-Europadeskundige dr. Martin van den Heuvel lag dat anders. Zoals gezegd is dr. Clavan geïnspireerd op een medewerker van de Evangelische Omroep, maar bij Van den Heuvel heeft het idee postgevat dat hij werd gepersifleerd. ‘Er is enige overeenkomst in uiterlijk en mimiek,’ vertelt hij. Toen Van Kooten en De Bie aankondigden voorlopig te stoppen met hun gezamenlijke televisiewerk, werd Van den Heuvel voor de televisie gesleept. Hij vertelde met veel drama dat de persiflage van Kees van Kooten zijn leven en zijn loopbaan had geknakt. Dat verhaal maakte veel indruk, maar navraag bij Van den Heuvel leert dat het een geintje was. Ik vond die dr. Clavan eigenlijk wel leuk, maar het leek me zo saai om dat te vertellen. Daarom heb ik in overleg met de televisiemakers dat nepverhaal bedacht.’ Zo ziet u maar: vertrouw nooit een Oost-Europadeskundige.