Structureel geweld betekenis & definitie

Structureel of institutioneel geweld is verkapt niet-fysiek geweld gebaseerd op onderscheid in etniciteit, gender, geaardheid, leeftijd, afkomst, godsdienst en zo meer.

Het geweld zit in het systeem gebakken. Daardoor wordt het geweld nauwelijks als zodanig herkend. Zelfs zij die een 'zachte' hand ondergaan hoeven het nauwelijks te beseffen. Zoals bijvoorbeeld het versluierde onderscheid in de ouderen zorg met 'Oma, wij gaan nu plassen'. Minder subtiel is seksisme. Zo kan ten aanzien van LHBT'ers heimelijk gendergeweld omslaan in gericht lichamelijk geweld. Religieus geweld gericht tegen nieuwkomers (islamofobie) en symbolisch geweld tegen niet-witte mensen (white privilege) is meer bovengronds en grootschaliger.

Etnische zuiveringen en antisemitisme zijn voorbeelden van structureel geweld waar men van wegkijkt. In actie komt men als het persoonlijk wordt (publieke verkrachting). Bij slavernij duurde het een eeuw voor de samenleving besefte wat de gevolgen van structureel geweld waren en nog steeds zijn.

Het kastensysteem in India is diep in de cultuur verankerd institutioneel geweld. De kaste wordt door rituelen en door ritualisering van duizenden gewoonten op het terrein van eten, groeten, aanraken, huwelijken in stand gehouden. Het ritueel zorgt voor een ideologie binnen het systeem waarmee betekenisvolle tegenstrijdigheden worden overbrugd en het systeem en het structurele geweld worden gemystificeerd voor de actoren die erin leven. Dus lage kaste haalt poep van hogere kaste op, niet vanwege hygiëne maar instrumenteel om onderscheid te maken.

Tenslotte de industriële veehouderij. Wij proberen beschaafd met elkaar om te gaan. Onze omgang met andere dieren is dat ongemerkt vaak niet. Denkbaar is dat in de toekomst onze huidige omgang met dieren als een vorm van structureel geweld wordt beschouwd.