Oertalen betekenis & definitie

Oertalen zijn de veronderstelde evolutionaire wortels van talen. Oertalen zijn de eerst geformuleerde woorden in een moedertaal.

Dieren gebruiken hun lichaamstaal en maken daarbij soms geluid. Bijvoorbeeld Bokito uit Blijdorp vindt een Wc-borstel, door een oppasser achtergelaten. Triomfantelijk holt Bokito met de borstel roepend naar de andere apen. Zijn vastgeklemde borstel als symbool om te showen, zijn gedraging als vocaal metafoor.

Vergelijk de sensatie en de wijze van vocaal uitdrukken van Bokito met de ervaring van een baby die bijvoorbeeld de huispoes voor het eerst wil vasthouden. Zowel bij Bokito als bij de baby is sprake van een gevoelservaring gekoppeld aan expressief gedrag. De baby gebaart met lichaamstaal dat het de poes wil. Daarop laat moeder aanschouwelijk en ostensief zien dat de poes lief geaaid wil worden.

Moeder communiceert lichamelijk én verbaal met haar kind en na enkele herhalingen formuleert de baby haar eerste één-woord-zin ( Aai-Aai). Haar spreektaal die begon bij spontaan aanwijzen gaat over in symbolisch verbaliseren en benoemen (Poes, Poes). Vooral miscommunicatie stimuleert het kind haar verlangens steeds beter in een zinnetje over te brengen (Ik poes).

Wat zijn oertalen? Dat weten we niet. Eén basis, één oertaal waaruit alle bestaande talen zouden zijn ontstaan, is vrijwel onbestaanbaar. Aannemelijk is dat gebaren en vocale uitdrukkingen van dieren en van mensachtige een bron voor spraakontwikkeling op locatie vormden. Waarschijnlijk is ook dat oertalen op sommige plaatsen zich verder ontwikkelden. De bittere noodzaak miscommunicatie ter plekke zo veel mogelijk te voorkomen heeft er vermoedelijk toe geleid dat groepen mensen zich steeds beter verbaal gingen uitdrukken. Zo ontstonden gesproken talen, diverse mythen, uiteenlopende geloven etc.