Lateraal luisteren betekenis & definitie

Lateraal luisteren is vanuit uiteenlopende invalshoeken naar muziek luisteren. Muziek wordt daarbij als georganiseerd geluid beschouwd, resonerend met de wijde omgeving en ingebed in een maatschappelijke context.

Slavoj Žižek bedoelde met looking awry anders kijken. Dat wil zeggen op een weloverwogen minder waardevrij wijze naar filmbeelden, figuratieve kunst en visuele media durven kijken. Vergelijk ‘scheef’ of lateraal luisteren naar muziek met kijken naar het plaatje van Rubin (= de optische illusie van vaas of twee elkaar aankijkende gezichten). Het perspectivisch luisteren gaat heen en weer tussen het autonome muzikale werk, het hoorbare, objectief waarneembare (de slanke witte vaas) en de nauwelijks opgemerkte klanken op de achtergrond, de akoestische omgeving en de maatschappelijke context (de twee zwarte gezichten).

‘Awry’ zintuiglijkheid benadrukt emoties en lichamelijkheid expliciet. Beide zintuiglijke trends – looking awry én listening awry - passen in de zogenoemde Affective Turn. Deze culturele wending ontstaat vanuit een opkruipende weerstand tegen het cerebrale, de overheersende taligheid in de filosofie inclusief muziekfilosofie (Linguistic Turn begin 20ste eeuw).

Lateraal luisteren valt onder zogenoemde sound studies. Geluid is het object van studie en het muzikale geluid varieert van een vertolking van Schubert tot Madonna, van zogenoemd lawaai tot de 4’33’’ stilte van John Cage, van black music tot gebedstapes in taxi’s in Kaïro. De disciplines betrokken bij sound studies zijn antropologie, musicologie, computer techniek, godsdienstwetenschappers en zo meer. De invloed van lateraal luisteren en van sound studies op westerse muziekfilosofie en op de muzikale praktijk lijkt aanzienlijk.