Jongensbesnijdenis betekenis & definitie

Besnijdenis van joodse en islamitische jongetjes bestaat uit de verwijdering van de voorhuid. De lichamelijke ingreep is meestal ongevraagd en onvrijwillig. Jongensbesnijdenis is weliswaar een onherstelbaar rituele ingreep maar nimmer mutilerend.

Bij joden hoort het ritueel bij de achtste dag na de geboorte. Het resultaat is een joods verbondsteken. Van oorsprong was de bevalling een aangelegenheid van vrouwen maar joodse mannen hebben door de doop, naamgeving, communie en besnijdenis zich het ritueel toegeëigend. De joodse besnijdenis heeft daarom te maken met gezag van mannen over vrouwen, van volwassenen over kinderen en van leidinggevenden in de joodse gemeente over anderen.

In ons land ondergaan islamitische jongens tussen drie en tien jaar van Marokkaanse, Surinaamse en Turkse komaf circumcisie. Omdat dit in een ziekenhuis gebeurt of door een professionele besnijder wordt verricht, heeft de ingreep en daarmee dit symboolgebaar een medicaliserende invloed ondergaan. Steeds minder is de besnijdenis de viering van een overgang of rite de passage. Het kind de dag tevoren mooi aankleden, het fluisteren in de oren, de wassingen van de vrouw waaronder de 'mitoni' in de zevende maand van de eerste zwangerschap, het ingepakte snoep voor de kraamvisite, het is allemaal verminderd. De traditionele islamitische besnijdenis van jongetjes lijkt door de modernisering hier te verdwijnen.

Bij een eventueel wettelijk verbod gaat het om culturele tradities en godsdienstvrijheid enerzijds en de lichamelijke onaantastbaarheid en integriteit anderzijds (artikel 6 versus artikel 11). Dit zijn weliswaar belangrijke kwesties die echter in het niet vallen als de besnijdenis van joden en islamitische jongetjes wordt vergeleken met jongensbesnijdenis als routine medische ingreep.