Haatcultuur betekenis & definitie

Een cultuur binnen een gemeenschap waarbij de haat tegenover buitenstaanders wordt gecultiveerd en wordt aangewakkerd.

Fase 1 van de haatcultuur vangt aan met een proces van in- en uitsluiting. Insluiting op basis van een ‘wij-gevoel’ waarbij gevoelens van onbehagen, angst en bezorgdheid ten aanzien van het vigerend maatschappelijk leven een rol spelen. Uitsluiting van tegenstanders waarbij het individu door een proces van ‘framing’ en vooringenomenheid wordt gedehumaniseerd en gedemoniseerd (zwart=misdadig, homo=pedofiel, jood=anti-Palestijn). Er ontstaat een voedingsbodem voor haat zaaien. Verbaal geweld (kopvoddentaks) en uitspraken met gezag (meer of minder Marokkanen?) slaan aan.

Fase 2 is een versterking van de interne cohesie binnen deze cultuur waarbij de nadruk ligt op gewoonten (kleding), symbolen (logo), rituelen (terreur in familieverband). Groepsleden wordt het besef bijgebracht dat hun lidmaatschap hen tot uitverkorenen bestempelt maar dat ze tegelijkertijd zich moeten onderwerpen aan een strakke interne groepsdiscipline.

Fase 3 muzikale haatuitingen en pseudowetenschappelijke onderbouwing (creationisme) onder andere via sociale media zorgen voor verbreiding en verankering in de maatschappij. Op professionele wijze worden geschiedenis en gebeurtenissen verdraaid waarbij naar de toekomst een mono-cultureel utopisch beeld wordt geschetst. Kleinschalig fysiek geweld binnen de grenzen van politiek correct gedrag wordt aanvaardbaar geacht. Haatcultuur heeft echter alles in zich om tot terreur, soms éénling-terreur, te leiden (Minassian/Incel, Breivik).

WAT TE DOEN?

Neem de voedingsbodem van de collectieve haat en daarmee de angsten en de bezorgdheden van de haters serieus. Analyseer hun dogma’s. Herken bovengeschetste fasen. Streef een pluriforme maatschappij na. Reduceer haat met humor en ironie. Spreek elkaar, eventueel wettelijk, aan op gedrag.

Culturen van haat kennen spiralen van geweld. Herkenning van de patronen is de sleutel tot geweld reductie.