Kastijden — tuchtigen — straffen betekenis & definitie

Iemand .doen boeten voor bedreven kwaad. Straffen is het algemeene denkbeeld zonder bijgedachte.

Zoowel in tuchtigen als in kastijden ligt het bijdenkbeeld opgesloten, dat de straf de verbetering van den overtreder beoogt; maar terwijl men zich bij kastijden die verbetering als gansch niet onbereikbaar voorstelt, beschouwt men haar bij tuchtigen als eene eenigszins hopelooze zaak. De vader kastijdt zijn kind. Godsdienstige dwepers kastijden zich zelf om het vleesch met zijne lusten te dooden. Gevangenissen voor zware misdadigers dragen den naam van tuchthuizen.