Dal — vallei betekenis & definitie

Terwijl iedere uitgestrektheid gronds, die door geen oneffenheid wordt afgebroken (een niet geaccidenteerd terrein) vlakte heet, noemt men dal en vallei een grooter ot kleiner terrein tusschen de bergen. Dal wordt in den regel van eene kleinere, vallei van eene grootere vlakte tusschen bergen gelegen gebezigd.

Het dal is gewoonlijk door steilere bergen ingesloten, terwijl eene vallei tusschen heuvels of op verderen afstand ge¬legen en langzaam afhellende bergen ligt. Het Ahrdal. Het Dal Tempe. De Geldersche vallei.