Aanbeenen—aanloopen—aanstappen betekenis & definitie

Met vlugge schreden zich ergens heen begeven. Aanstappen geeft te kennen dat men het stappende, met gelijken tred gaande, doet; aanbeenen wordt meer in gemeenzame stijl gebruikt, en ziet meer op vermeerdering van snelheid dan aanstappen; aanloopenlaat in het midden of de beweging in draf of stap geschiedt.

Geef mij uw arm en laat ons wat aanstappen. Jongens, we moesten aan¬beenen, wilden we den trein halen. We moeten aanloopen, willen we op tijd er zijn; zouden we het maar niet in den draf zetten. Laat het paard wat aanloopen.