Het juiste woord

Dr. L. Brouwers (1928)

Gepubliceerd op 20-03-2024

Vooruitgaan

betekenis & definitie

Werkwoord: vooruitgaan, voorkomen, vooruitkomen, voorttreden, voortgaan, voortschrijden, vooruittreden, voortstappen, vooruitstappen, vooruitkruipen, vooruitsluipen, avanceren, vorderen, doorrukken.

Causatief: vooruitdrijven, vooruitjagen, voortdrijven, voortjagen, voortzwepen.

< >