Arbitrage betekenis & definitie

Arbitrage - (Eng. arbitration, Fr. arbitrage, D. arbitrage): In het algemeen het eindoordeel na het onderzoek, dat men instelt: 1e. om te zien, waar een artikel duur of goedkoop is, 2e. om te zien, of men een artikel kan gebruiken, om met voordeel een schuld te betalen of een vordering te innen; 3e. om een zelfstandige operatie uit te voeren, d.w.z. koopen op de eene plaats en verkoopen op de andere.

Ook : de uitspraak van scheidsmannen. In den effecten, wissel-, speciehandel: de nauwkeurige berekening van den prijs, tegelijkertijd op verschillende plaatsen, van dezelfde goederen, wissels, effecten of speciƫn. Een hoofdvoorwaarde hierbij is een volkomen bekendheid met de prijs- en koersnoteeringen, de onkosten, de handelsusancen, alsmede de noodige vaardigheid in het rekenen.

Ook : de bevoegdheid, welke de wet den ingezetenen toekent, om geschillen omtrent de rechten, waarover zij de vrije beschikking hebben aan de uitspraak van scheidslieden (arbiters) te onderwerpen.