Groot wielerwoordenboek

van asfalteczeem tot zoetemelkpositie (uitgave 1989)

Gepubliceerd op 25-05-2017

2017-05-25

poulain

betekenis & definitie

Frans chocolademerk dat vele jaren de sponsor was van de bergprijs in de Tour de France en andere Franse etappekoersen.

Maar bij het concern Poulain, al decennia lang vaste klant in de karavaan, is men veel positiever. De chocoladefabrikant, wiens naam ook schittert op de gele trui, wil koste wat kost aanwezig zijn in de bonte rij voertuigen. Het bedrijf weet te melden dat er in juli vijftien miljoen toeschouwers zijn bij de Tour, van wie 45,6 procent mannen, 27,7 procent kinderen en 26,7 procent vrouwen. Vooral op die laatste groep heeft Poulain het gemunt, bekent een medewerker van de onderneming. ‘Vrouwen houden van zoet, maar wat nog belangrijker is: zij plegen de inkopen te doen.’ (NRC Handelsblad, 13/07/1995)

Frans voor leerling, beschermeling; jonge prof, deel uitmakend van een rennersstal; pupil.

Ik had er als kamergenoot Jan Lauwers, een toffe kerel, én de poulain van ploegleider Guillaume Driessens, wat zeker geen nadeel voor mij betekende. (Robin Hannelore: Kampioen in een doodlopende straat. 1973)

De Vlaamse stoempers verachteren in de Tour dag na dag. En geeft een poulain er een keer een snok aan, dan wordt-ie binnen de kortste keren vervoegd door het pak. (de Volkskrant, 18/07/1995)