Groot wielerwoordenboek

van asfalteczeem tot zoetemelkpositie (uitgave 1989)

Gepubliceerd op 25-05-2017

2017-05-25

overheen: er - komen

betekenis & definitie

Passeren; inhalen.

‘Boekhout trok de spurt aan en ik kon er gemakkelijk overheen komen’, omschreef de soepel op de ‘elf’ spurtende renner uit Zwartewaal zijn eerste seizoenzege. (De Dordtenaar, 22/05/2000)

In de sprint koos hij het wiel van Michele Bartoli. ‘Dat bleek een goede beslissing, alleen kon ik er niet meer overheen komen.’ (Het Parool, 05/03/2001)