Groot wielerwoordenboek

van asfalteczeem tot zoetemelkpositie (uitgave 1989)

Gepubliceerd op 25-05-2017

2017-05-25

lapjestrui

betekenis & definitie

Combinatietrui; combiné.

Erik Breukink, laatste winnaar van de witte trui in 1988. Twaalfde, op 23.06 van Delgado; 8.08 voor Alcala (20ste). ‘Na 1988 heeft de Tourorganisatie dit tricot en dat van het combinatieklassement (lapjestrui) geschrapt, omdat ze meer overzicht wilde en minder truien op het podium. (Algemeen Dagblad, 29/06/2000)

Was het paarse tricot niet de voorloper van de lapjestrui, probeert een collega de volgende dag. Deze lapjestrui hulde de leider van het combinatieklassement, een dwarsdoorsnede van de prestaties in het algemeen, punten- en bergklassement. De lapjestrui heette niet voor niets zo, getuige een stukje gele, groene en witrode stof. In de praktijk kwam het erop neer dat de nummer twee van het algemeen klassement ook het genoegen mocht smaken om op het podium gehuld te worden. Het is dan ook geen wonder dat deze troostprijs binnen de kortste keren werd gekild. De lapjestrui werd vier jaar lang uitgedeeld en vormt een voetnoot in de tourgeschiedenis. Hoewel het belang van het fantasietricot niet groot is, zijn de namen van de winnaars dat wel: Greg Lemond, Jean-Frampois Bernard en Steven Rooks (tweemaal). (Het Financieele Dagblad, 16/07/2005)