Groot wielerwoordenboek

van asfalteczeem tot zoetemelkpositie (uitgave 1989)

Gepubliceerd op 25-05-2017

2017-05-25

jagen

betekenis & definitie

Een of meer ontsnapte tegenstanders achtervolgen. Frans: chasser; Engels: to chase.

En nadat Geminiani Bobet eenmaal met succes op de helling naar Niziers had afgeleverd, liet de lange, schrale Raphaël zich haastig terugzakken naar een jagend groepje - waarin Kuebler en Ockers - en begon hij daar, met vriendelijke assistentie van enige andere Fransen, het tempo te drukken. (Martin W. Duyzings: Sport op twee wielen. 1950)

De regenboogtruidrager keerde inderdaad naar de voorste rangen terug in het gezelschap van Francesco Moser en Giovanni Battaglin, die voordien onder hun beidjes een beetje uitzichtloos waren gaan jagen. (Jan Cornand & André Blancke: Hoe Merckx de Tour verloor. 1975)