Grieks-Romeinse Oudheid

XYZ van de Grieks-Romeinse Oudheid

Gepubliceerd op 06-09-2017

Augustus

betekenis & definitie

Augustus - Romeins keizer (27 v.C. tot 14 n.C.), eig. Caius Octavius en na zijn adoptie door Caesar, Caius Iulius Caesar Octavianus. Hij was een zoon van C. Octavius en Attia, geboren in 63 v.C., en door zijn oudoom Iulius Caesar geadopteerd. In 48 v.C. werd hij pontifex. Terwijl hij zich te Apollonia in Illyrië met zijn studie bezighield en het krijgsbedrijf leerde met de legioenen die door Caesar daar met het oog op de oorlog tegen de Parthen werden klaargehouden, bereikte hem het bericht van de dood van Iulius Caesar, dat hem door toedoen van zijn moeder werd overgebracht. Nog in de maand maart 44 v.C. landde hij bij Brundisium in Zuid-Italië. Van daaruit trok hij naar Rome en was zo voorzichtig zich door een paar legioenen te laten vergezellen. Trouwens, de zes legioenen van Apollonia hadden zich reeds te zijner beschikking gesteld, doch daar was hij niet op ingegaan. Het bleek vlug dat de jonge Octavianus een scherp politiek doorzicht had, en opgewassen was tegen de handige zetten van Antonius. Op 27 november 43 v.C. was hij triumvir rei publicae constituendae, een macht die hem voor vijfjaar een tweede maal te beurt viel tot 31 december 28 v.C. In 41 was hij augur, van 37 tot 35 lid van het college van de XV viri sacris faciundis.

Na de slag bij Actium in 31 v.C. en de daaropvolgende dood van Antonius en Cleopatra, regelde Octavianus de zaken in het Oosten en keerde als alleenheerser naar Rome terug. In 28 v.C. verwierf hij de titel van princeps senatus en op 15 jan. 27 v.C. die van princeps civium, wat het begin betekende van het keizerrijk of augusteïsch principaat. Op 1 juli 23 v.C. werd hem de tribunicia potestas voor het leven geschonken, terwijl hij voor de jaren 19, 18 en 11 v.C. tot curator morum werd benoemd. In 16-15 v.C. was hij VII vir epulonum en in 13 v.C. liet hij aan de via Flaminia de Ara Pacis oprichten. In 12 v.C. was hij pontifex maximus en in 2 n.C. ontving hij de titel van pater patriae. Hij stierf te Nola op 19 augustus 14 n.C.

Augustus was de schepper van een nieuw regeringsstelsel, het principaat, dat evenwicht trachtte te bereiken tussen de republikeinse instellingen enerzijds en het monarchisch beleid anderzijds, onontbeerlijk voor het toenmalige Romeinse wereldrijk. De princeps was de eerste van de burgers in dit rijk en zijn bevoegdheid steunde niet zozeer op ambtelijke macht als wel op de auctoritas, een begrip dat zich moeilijk laat bepalen. Zijn effectieve macht, in schijn nimmer anti-grondwettelijk, was gevestigd op drie hoofdfactoren: de tribunicia potestas, het oppercommando van het leger en het pontificaat. Alhoewel hij geen volkstribuun was, ontving Augustus toch het ius intercessionis tegen alle beslissingen van welke magistraat ook, terwijl er tegen zijn beslissingen geen verhaal bestond, en deze bevoegdheid bezat hij niet alleen voor Rome, zoals de eigenlijke volkstribunen, maar voor het hele rijk. Augustus zag af van het consulaat, maar aanvaardde bevoegdheden op de verschillende terreinen van de staatsbelangen: hij had de leiding in de buitenlandse betrekkingen, het rechtstreeks bestuur in de keizerlijke provincies en een toezicht in de senatoriale provincies, die onmiddellijk onder het beheer van de senaat stonden. Hierdoor verkreeg hij meteen het oppercommando in het leger, want troepen werden alleen gelegerd in de keizerlijke provincies. Ten slotte beheerste hij als pontifex maximus het godsdienstig leven in het rijk. Augustus ontwierp eveneens een nieuw bestuursapparaat door het benoemen van praefecti, zowel voor Rome als voor de andere delen van het rijk, en andere functies: legati, curatores enz. Deze nieuwe bestuursstaf stond naast de oude republikeinse magistratuur en zou geleidelijk daarvan de functies overnemen. Het financieel beleid van het rijk ging nieuwe wegen op; de senaat werd de beheerder van de staatskas, aerarium populi Romani; daarnaast kwam de fiscus in de handen van de princeps. De equites werden dienst- adel, terwijl de vrienden van de keizer, amici Caesaris, zijn kroonraad vormden. Augustus voerde in plaats van een veroveringspolitiek een beleid van consolidatie. De oorlogen onder zijn persoonlijke leiding in het Oosten of onder leiding van Tiberius of Drusus in het Westen beoogden geen nieuwe veroveringen, maar een verdere romanisering van de volkeren in deze gebieden. Dankzij deze politiek kende Rome uiteindelijk een periode van rust en vrede, de Pax Romana, die het rijk na de laatste twee decennia van bloedvergieten hoogst nodig had. In zijn beleid hadden Rome en Italië een voorkeurspositie, terwijl anderzijds Augustus bewust als restaurator van godsdienst en tempels naar voren trad. Italië en Rome kregen nieuwe bestuurlijke indelingen: 11 regiones richtte hij op in het schiereiland, terwijl de stad zelf in 14 regiones onderverdeeld werd. De princeps had recht op een persoonlijke lijfwacht, wat hem ertoe bracht de cohortes praetoriae op te richten. Augustus is driemaal gehuwd geweest: met Claudia, dochter van de beruchte P. Clodius Pulcher, met Scribonia, zuster van L. Scribonius Libo, een huwelijk waaruit zijn enig kind, Iulia, geboren werd, en met Livia Drusilla, vrouw van Tib. Claudius Nero, die haar aan de princeps afstond. Vooral deze laatste heeft een overwegende invloed op Augustus uitgeoefend en speelde in zijn opvolging een beslissende rol. Toen in 14 n.C. immers Augustus te Nola overleed, hield Livia zijn dood geheim totdat Tiberius, haar zoon, de nodige maatregelen had kunnen treffen om zich van de heerschappij meester te maken.

Nawerking: voor de augusteïsche periode, Salomé, princess of Galilee, een roman door Henry Denker, New York, Ned. vert. Salome, prinses van Galilea, ’s-Gravenhage s.d.