Geographisch- historisch woordenboek

Servaas de Bruin, D. Noothoven van Goor (1869)

Gepubliceerd op 21-10-2021

Eindhoven

betekenis & definitie

of Eyndhoven, stad in NoordBraband, 6 uren gaans bezuiden 's Hertogenbosch; 3500 inw.; gesticht omstr. 1274 door hertog Jan I van Braband, in de nabijheid van de samenvloeiing van Dommel en Gender. Willem I, hertog van Gelder, meende in 1397 E. te bemachtigen, doch zijn aanslag mislukte; in 1543 werd E. door Maarten van Rossum ingenomen, leeggeplunderd, grootendeels in de asch gelegd en de gansche bezetting over de kling gejaagd; na weder eenigszins bijgebouwd te zijn, werd E. negen jaren daarna (1552) geheel vernield door eenen feilen brand; andermaal opgebouwd, werd E. 1581 bij verrassing ingenomen door, de Staatschen, doch twee maanden later weder aan hen ontweldigd door de Spanjaarden, aan wie het in den nacht tusschen 7 en 8 Jan. 1585 bij overrompeling werd ontnomen door de Franschen, die in hetzelfde jaar, na een beleg van drie maanden, genoodzaakt werden lot de overgave (23 April), waarop de Spanjaarden de zeer in verval geraakte vestingwerken slechtten; en sedert dat tijdstip is E. eene opene stad of vlek gebleven.

In 1604 werd E. door de mnitendeSpanjaarden deerlijk uitgeplunderd; nadat 's Hertogenbosch veroverd was 1629 door Frederik Hendrik, bleef E. voor goed onder het gezag der Algemeene Staten; in 1702 legerden zich de Franschen in en om E., dat in de 18e eeuw herhaaldelijk (1747, 1794) van de Franschen te lijden had, die ook (ofschoon toen in dienst der Bataafsche republiek) in 1801 in de nabijheid van E. een kampement opsloegen. Door een allergeweldigsten orkaan werd E. geteisterd 9 Nov. 1800. Voorheen was E. eene heerlijkheid, die onder de nalatenschap van Willem 111 koning van Engeland behoorde, en bij de deeling van dien boedel (1752) aan den prins van Oranje werd toegewezen.