Oude betekenis & definitie

Oude is in 1847 voor het eerst aangetroffen, in de uitdrukking een oude nemen voor 'een ouderwetse, stevige borrel drinken'. Sinds het begin van deze eeuw wordt oude gebruikt voor 'oude jenever'. Die naam ontstond als verkorting uit oude klare of oude jenever. Oude klare is in 1899 voor het eerst gevonden, en in 1900 door Henri Hartog gebruikt in Sjofelen: Tegen de kastelein zei ze, dat de Brakel d'r pa was. Ze dronk een glaasje advocaat, en de Brakel wipte voor de toonbank met twee handig geslikte teugen een glas ouwe klare naar binnen.

Een gangbaar misverstand is dat oude jenever ouder is dan jonge jenever. Het tegendeel is waar: oude jenever is nieuwe jenever waaraan tijdens het productieproces moutwijn en soms caramel is toegevoegd. Daardoor maakt hij een rijpere, meer belegen indruk, zonder ergens jaren in het vat te hebben gelegen. Oude jenever staat onder allerlei koosnaampjes bekend, zoals oudje, ouwe jongen, ouwe knar, ouwe snik, ouwe taaie en ouwetje. Over deze laatste borrel naam schreef een informant uit Amsterdam: Mijn man vraagt altijd om een ouwetje. Het ligt dan aan de leeftijd van de ober, hoe gauw ze dat snappen. Vooral als aperitief in een 'beter' restaurant.

Met ouwe met wordt 'oude jenever met suiker' bedoeld. Kees Stip gebruikte die benaming in 1943 in het gedicht Dieuwertje Diekema: Dieuwertje vroeg wat hij wou drinken, en er was een glimlach om haar mond: Oude of jonge met of zonder, of Oranjebitter met een klont? En in 1995 schreef Hannes Meinkema in een verhalenbundel: 'Sorry, ik heb me bedacht', zei Inge. 'Mag het nog?' 'Twee oudjes', zei ze alvast maar. 'Nee, voor mij tonic', zei Inge tegen haar. 'Anders gaat 't te hard, ik moet nog naar huis fietsen.' Dus kwam hij terug met twee oudjes voor haar, een tonic voor Inge en een bier voor zichzelf.