botoxen betekenis & definitie

‘De overheid heeft dinsdag’, meldde het ANP op 6 april 1993, ‘een nieuw medicament, Botox genoemd, in Nederland toegelaten dat uitkomst biedt voor mensen die hun oogleden niet meer normaal kunnen openen.’ Inmiddels is Botox (een samentrekking van botulinum toxine) algemeen bekend geworden als een middel dat in schoonheidsklinieken wordt gebruikt, bijvoorbeeld bij antirimpelbehandelingen. Vanwege de weerzin die dit bij sommige mensen oproept, zijn er diverse, neerbuigend bedoelde samenstellingen met botox- ontstaan, zoals botoxlippen (voor dikke, volgespoten lippen) en botoxgezicht, zeg maar voor een ‘gezicht dat duidelijk jonger is dan de rest van het lichaam’. Daarnaast spreekt men in toenemende mate van botoxen. Zo schreef Trouw op 31 oktober 2003: ‘Een frons laten botoxen kost 350 euro.’ En in het Algemeen Dagblad stond op 17 december 2003:

Ze botoxte haar gezicht glad, spoot haar lippen op en meldde zich opgewekt op de set van In the Cut, een thriller die moet laten zien dat de nieuwe Meg Ryan ook zeer wel in staat is om overtuigend een op seks beluste vrouw te spelen.

Steeds vaker lees en hoor je bovendien: daar helpt (zelfs) geen Botox tegen of daar is (zelfs) geen Botox tegen (op)gewassen voor ‘daar is niets tegen te doen, daar sta je machteloos tegenover’. Het gaat hier natuurlijk om een variant op daar is geen kruid tegen gewassen. In toenemende mate wordt Botox overigens zonder hoofdletter gescheven, alsof het een soortnaam is in plaats van een merknaam van Allergan, de Californische producent.