bolitaslikker betekenis & definitie

Je zou denken dat het woord slikker een verkorting is van bolletjesslikker, maar dit blijkt niet het geval te zijn. Al zeker sinds 1992 wordt er in de kranten geschreven over slikkers, terwijl bolletjesslikker (met of zonder koppelteken) z’n entree maakte in 1996. Dat zal dan ook de reden zijn waarom de Grote Van Dale wel slikker vermeldt (‘drugssmokkelaar die verdovende middelen inslikt om ze over te brengen’), maar niet bolletjesslikker, hoewel dat sinds 1996 duizenden keren in de kranten heeft gestaan.

Hoe het ook zij, sinds 2002 wordt een half-Spaans synoniem gebruikt, namelijk bolitaslikker. Bolita is Spaans voor ‘bolletje’. In Curaçao, waar veel bolletjesslikkers vandaan komen en waar onder meer Spaans en Nederlands wordt gesproken, worden zij bolitaslikkers genoemd, vandaar.

De enorme ophef over het vrijlaten van gearresteerde bolletjesslikkers op Schiphol, vanwege onvoldoende cellencapaciteit, leidde in 2002 tot allerlei gelegenheidssamenstellingen, zoals bolitabeleid, bolletjesaffaire, bolletjesdode, bolletjeslepel, bolletjesoperette, bolletjesproblematiek, bolletjesprop, bolletjessysteem, bolletjesvlucht, bolletjeswet enzovoort.

Vergelijk slikkerstoilet en vrijvoeter