biotech-activist betekenis & definitie

In september 1999 kondigden Amerikaanse millieuactivisten aan dat ze een rechtszaak zouden beginnen tegen de grootste producenten van genetisch gemanipuleerde gewassen, zoals DuPont, Monsanto en Novartis. Deze bedrijven zouden de agrarische markten in een wurggreep houden door biotechnologie — een tak van de biologie die haar wortels heeft in de tweede helft van de negentiende eeuw — commercieel uit te buiten. Het plan was om samen met de boeren in zo’n dertig landen tegelijk een rechtszaak te beginnen. In de Nederlandse kranten die dit nieuws meldden, werden de activisten zonder uitzondering biotechactivisten genoemd, een woord dat niet eerder is opgetekend.

Het woord biotechniek is in 1960 bedacht door de Amerikaan J.J. Steele. Sinds het begin van de jaren negentig komt de verkorte vorm, biotech, in allerlei samenstellingen voor, zoals in 1990 in biotech-concern en biotech-fonds, in 1991 in biotech-bedrijf en biotech-product, in 1993 in biotech-insuline en biotech-lobby, in 1995 in biotech-aardappel, biotech-industrie en biotech-onderneming, in 1996 in biotech-experiment, biotech-hater, biotech-hausse, biotech-hype, biotech-maïs, biotech-plant, biotech-sector, biotech-soja, biotech-voeding en biotech-voedingsmiddel, in 1997 in biotech-aandeel, biotech-vrij en biotech-zaad, in 1998 in biotech-stam en biotech-wereld, en in 1999 (afgezien van biotechactivist) in agri-biotech, biotech-eten, biotech-geneesmiddel en biotech-markt.

Vergelijk gengewas, hacktivist, vernietigingsgen en zaadpiraat.