Bel betekenis & definitie

Bel is in 1839 voor het eerst gevonden, in een pamflet van de gezamenlijke Schiedamse jeneverstokers. De oorspronkelijke betekenis was 'groot glas, bepaaldelijk met sterken drank gevuld'.

Het WNT brengt bel zowel in verband met het Engelse bowl 'kom', als met 'luchtbel'. Dat laatste vindt het Woordenboek minder waarschijnlijk, omdat bel nooit zonder nadere bepaling voor 'borrel' of slokje' zou zijn gebruikt. Men zegt altijd een bel jenever, aldus het WNT in 1898. Maar in het pamflet uit 1839 wordt bel juist wél zonder nadere bepaling voor 'borrel' gebruikt. Hoe het ook zij, een groot glas wordt nog altijd een bel genoemd. Die kan met jenever gevuld zijn, maar men spreekt ook van een bel cognac of whisky.