Achitofel betekenis & definitie

onbetrouwbare raadgever

Een achitofel, zegt Van Dale (1992), is een 'niet te vertrouwen raadgever'. Dat doet vermoeden dat Achitofel, volgens de bijbel de raadsman van koning David, een slechte raadgever was. Het tegendeel is echter het geval.

Aan het oordeel van Achitofel (Hebreeuws voor 'broeder der dwaasheid') werd volgens 2 Sam. 16:23 juist veel waarde toegekend. 'De raad nu, die Achitofel gaf, woog in die dagen even zwaar als wanneer men een woord Gods gevraagd had; zwaar woog elke raad van Achitofel zowel bij David als Absalom.'

Toen Absalom - een eponiem met als betekenis 'een zoon die zich verzet tegen zijn vader' - zijn vader van de troon wilde stoten, wendde hij zich dan ook tot Achitofel om raad. Die adviseerde hem gemeenschap te hebben met Davids bijvrouwen en de koning direct aan te vallen. Maar 'de Here had beschikt', aldus 2 Sam. 17:14, 'dat de goede raad van Achitofel teniet gedaan zou worden, opdat de Here onheil over Absalom zou brengen.' Absalom verloor de strijd en Achitofel verhing zich.

Overigens is men het er niet over eens wat nu precies onder Achitofelsraad moet worden verstaan: Zeeman omschrijft het in 1877 als 'eene sluwe maar boze raadgeving'; De Beer en Laurillard in 1899 als 'raad, dien het gevaarlijk is op te volgen', terwijl Van Delden het in 1990 in navolging van Ter Laan omschrijft als 'een goede raad, die evenwel niet wordt opgevolgd'. Duidelijk wordt wel dat je met de raad van een Achitofel moet oppassen.