Erotisch woordenboek

Hans Heestermans

Gepubliceerd op 17-03-2020

lel

betekenis & definitie

lel - 1°. In de verbinding de lel gaten, coïteren (vgl. parelgaten). waarin lel eig. ‘oorlel’ is.

Steve wil de lelie gaten Doch de stempel (= penis, V.) wort te moe, Quartier d. Amst. Mane-Schijn C 2 r° [1639].2°. Ontuchtige vrouw; eig. ‘bewegelijk stukje vlees'. Hij had de liederlijkste lellen den branderigen wellust-mond met heete zoenen volgeslobberd, QUERIDO. De Jordaan 160 [1912].