Encyclopedie van Noord Brabant

Anton van Oirschot (1985-1986)

Gepubliceerd op 20-10-2020

TERHEIJDEN

betekenis & definitie

gemeente in West-Noord-Brabant, Baronie van Breda, bestaande uit het dorp Wagenberg, een gedeelte van Langeweg en een gedeelte van Stuivezand. Aantal inwoners: 8.478 (1986); oppervlakte: 2.680 ha.

Wapen: In blauw het beeld van de H. Antonius van goud, half naar links gewend, met achter deze uitkomend een varken, eveneens van goud (1817).

Geschiedenis: Met de stad Breda en met het dorp Teteringen maakte Terheijden oorspronkelijk de kern uit van het Land van Breda; de inwoners behoorden ook tot de parochianen van de stad en bezaten het poortersschap. Het dorp kreeg een eigen schepenbank in 1328. De naam komt echter eerst later voor, in 1353. Kort na 1400 werd er een eigen kapel of kerk gebouwd, toegewijd aan Antonius Abt. Hiervoor werd met Breda een overeenkomst gesloten.

Waar nu Langeweg is gelegen lag vroeger het dorp Zonzeel, dat half tot het graafschap Holland en half tot het hertogdom Brabant behoorde. Het ging in 1421 door de St. Elisabethsvloed ten onder. Het Brabantse deel kwam later bij het grondgebied van Terheijden. Een tijd lang heeft Terheijden nog een relatie gehad met de Abdij van Middelburg, die van de heer van Breda concessie verkreeg voor het winnen van turf in de Binnenpolder. Daarvoor werd een gebied door het aanleggen van vaarten en sluizen ontsloten.

Dit gebeurde tussen 1342 en 1441, in welk laatste jaar de heer van Breda zijn goederen terugkreeg. Uit het feit, dat men in Terheijden rond 1500 kwam tot de bouw van een rijke gotische St. Antoniuskerk blijkt wel, dat er sprake was van een economische bloei. De kerk werd omstreeks 1540 met de oudere toren van de vorige kerk verbonden. In de Tachtigjarige Oorlog kwam er een kentering, doordat Terheijden strategisch gelegen was en daardoor doelwit werd tijdens de aanvallen op de stad Breda; het had eveneens te lijden van plunderingen en brandschattingen en -stichtingen. Er werden verdedigingsschansen aangelegd.

De kerk werd de katholieken ontnomen na de Vrede van Munster in 1648. Pas in 1891 konden de katholieken haar weer in gebruik nemen. De hervormden hadden inmiddels in 1809 een nieuwe kerk gebouwd.

Wagenberg was in de Franse tijd, in 1796, een eigen parochie geworden. Langeweg zou na 1874, toen de Capucijnen er een klooster stichtten, meer betekenis gaan krijgen en ook een eigen parochie, die gedeeltelijk onder Zevenbergen was gelegen, worden.

De gemeente kreeg in 1840 de beschikking over een eigen gemeentehuis.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog was Terheijden vooral een landbouwdorp; later zou het karakter sterk veranderen, doordat het een woongemeente werd met een gevarieerde industrie. Het dorp groeide duidelijk in de jaren zestig en zeventig, toen de Molenwijkerpolder en de verschillende woonwijken van Zegge ontstonden, met inbegrip van de nodige accommodaties.

Overheidsinstellingen e.a.: Gemeentehuis, Raadhuisstraat; Rijkspolitie postbureau, Oranjeplein; postkantoor en agentschappen: Brouwerijstraat Wagenberg, Polderstraat Terheijden en postwagen Kloosterlaan Langeweg; elektriciteit: Pnem, rayonkantoor Made; gas: Intergas Oosterhout; water: Waterl.mij Noord-West-Brabant; Waterschap: De Ham Wagenberg.

Onderwijs: basisscholen in Terheijden, Wagenberg en Langeweg.

Sport en recreatie: overdekte sportaccommodatie, sportpark en dorpshuis in de drie kerkdorpen; jachthaven in Terheijden; puzzelbad Terheijden, trimbaan Terheijden, Salesdreef; Ruitersvaart Terheijden, tennispark.

Monumenten: molen De Arend uit 1743; r.k. kruisbasiliek, 15de-16de eeuw; overblijfselen fortificaties; oude boerderij Wagenberg.

Bron: Info gemeente; Ons Terheijden, 1986.