Dr. O. Dubois

Auteur “De Nieuwe Geneeskunde”, 1930

Gepubliceerd op 15-05-1930

1930-05-15

Aderspatten

betekenis & definitie

Aderspatten zijn uitzettingen der aderen ofwel gesprongen aderen. Als zij aderen aan de oppervlakte gelegen bezetten, vertonen zij zich in den vorm van blauwachtige pezen, die onder de huid bochten en uitsteeksels vormen.

Zij worden veroorzaakt door gelijk welke belemmering van den bloedsloop, zoals gezwel dat bloedvaten ineendrukt, zwangerschap of een slechte bloedsomloop, die de congestie der aderen bevordert. Bij personen die zich gewoonlijk recht houden ontwikkelen de aderspatten zich gewoonlijk op de benen en de dijen. Als zij groot zijn springen zij soms van zelf open en veroorzaken dan een bloeding, welke een lichte compressie trouwens doet ophouden. Andermaal geraken zij ontstoken ten gevolge van een slag, of van vermoeidheid, of van een Flebitis; deze verwikkeling verdient zeer ernstige aandacht want zij kan aanleiding geven tot de verschijnselen der bloedvat verstopping, die vaak oorzaak is van plotselinge dood. Soms ontstaan wonden op de benen, welke aderspatten zijn aangetast , vooral ten gevolge van een slag, van een stoot op de aderspatachtige aderen het zijn aderspatachtige zweren, welke altijd langzaam en moeilijk genezen, vooral als de ziekte zich er niet voor inspant in liggende houding te blijven.