potjeslatijn betekenis & definitie

Zogenaamd Latijn dat dokters en apothekers in hun beroep gebruiken.

Potjeslatijn werd vooral vroeger op mooie porseleinen apothekerspotjes geschreven. Dat hoorde toen zo. Als mensen het nu over ‘potjeslatijn’ hebben, is dat half voor de grap en half boos omdat sommige dokters moeilijke taal gebruiken zonder dat het nodig is.

Veel (jonge) dokters hebben op school geen Latijn geleerd (ze zaten op het atheneum of ongedeelde vwo zonder Latijn in plaats van op het gymnasium, waar je Latijn leert). Je mag en kunt prima geneeskunde (‘medicijnen’) studeren zonder dat je Latijn op school hebt gehad. Maar dan loop je als dokter wel kans fouten in medisch Latijn te gaan maken. Dokters kennen van doornuitsteeksels, de knobbels aan de binnenkant van de ruggengraat, wel het Latijnse woord in het enkelvoud (‘processus spinosus’!). Maar wanneer ze over twee knobbels moeten praten of schrijven, hebben ze het Latijnse meervoud nodig. Dan gokken sommigen dat het wel ‘processi spinosi’ zal zijn. Mis: het Latijnse woord ‘processus’ in enkelvoud én meervoud, dus: ‘Bij patiënt zijn twee processus spinosi weggehaald.’

Een andere keer schrijven ze voor de zekerheid een flink ‘Latijns’ uitziende dubbele -ii waar het nou net níet hoeft: in de verlatijnste naam ‘burgdorferii’ van de Duitse dokter Burgdorfer, die de bacterie Borrelia burgdorferi (met één ‘i’) heeft ontdekt. Een ermee besmette teek kan die bacterie in je been spuiten tijdens een boswandeling. Dan kun je lymeziekte krijgen.

Kijk ook bij status migrainosus.