pasteurisatie betekenis & definitie

Een vloeistof een halfuur lang flink verhitten, bijvoorbeeld tot zo’n 70 graden Celsius, waardoor veel micro‑organismen (vooral bacteriën) erin doodgaan.

Bij pasteuriseren hoeft de vloeistof niet te koken. Deze manier om ziektekiemen (virussen en bacteriën) te doden, is vernoemd naar Louis Pasteur, een Franse scheikundige in de negentiende eeuw. Zijn idee was slim en handig in die tijd, want veel mensen kregen toen de akelige ziekte tuberculose van het drinken van ongekookte, ‘rauwe’ melk. Melk werd toen nog vaak vanaf de boerderij verkocht en gedronken en niet eerst verhit. Eén op de zeven Nederlanders stierf in die eeuw aan tuberculose. In de twintigste eeuw kwamen grote verbeteringen, bijvoorbeeld doordat de overheid erop is gaan letten dat koeien gezond zijn en geen besmette melk geven.

Kijk ook bij sterilisatie.