interne geneeskunde betekenis & definitie

Deel van de geneeskunde dat zich met algemene ziektes bezighoudt.

Een dokter die zich hierin gespecialiseerd heeft, is een internist. De interne geneeskunde heeft veel deelgebieden, zoals de endocrinologie (ziektes van klieren die hormonen maken), hematologie (bloedziektes), infectieziektes, gastro-enterologie (maag-, darm- en leverziektes), nefrologie (nierziektes), reumatologie (gewrichtsziektes), pulmonologie (longziektes) en cardiologie (hartziektes). De internist behandelt ook kanker met medicijnen die een tumor minder snel laten groeien.

Ook inwendige geneeskunde. Kijk ook bij inwendig.