Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Gepubliceerd op 29-12-2019

2019-12-29

Aäronietische zegen

betekenis & definitie

Den Aäronietischen zegen lezen wij in Num. 6 : 23—26 (vgl. Lev. 9 : 23): „De Heere zegene u en behoede u; de Heere doe Zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig; de Heere verheffe Zijn aangezicht over u en geve u vrede.” Tot het werk van den hoogepriester behoorde o.m. het opleggen van den zegen op het volk aan het einde van den offergodsdienst.

Er bestaat een persoonlijke zegen en een ambtelijke zegen. Een persoonlijke zegen is de bede van iemand om het goede voor tijd en eeuwigheid voor een ander; maar een ambtelijke zegen is geen bede, dat is een opleggen van den zegen van een drieëenig God, omdat men daarvoor opdracht heeft.

Zulk een ambtelijke zegen houdt in, dat de Heere ook zal doen komen, wat de zegen inhoudt. Gods zegen is dus de grond van den ambtelijken zegen en die zegen is een gebieden van het goede over hem, die gezegend wordt.