wedstrijdbridge betekenis & definitie

Ook: duplicate bridge. .. Verzamelterm voor alle vormen van bridge waarbij ieder spel aan twee of meer tafels gespeeld wordt. Bij ‘wedstrijdbridge’ is een eerlijke vergelijking van de prestaties van de spelers aan de diverse tafels mogelijk omdat zij dezelfde kaarten krijgen. Het krijgen van ‘goede’ of ‘slechte’ kaarten is derhalve niet van invloed op het uiteindelijke resultaat van de wedstrijd.

Als een spel gespeeld is, dient het in de oorspronkelijke vorm bewaard te worden. Daartoe leggen de spelers na iedere slag hun gespeelde kaarten voor zich omgekeerd op tafel (de vier kaarten van een slag worden dus niet opgeraapt door de partij die de slag gemaakt heeft). Gebruikelijk is een kaart van een gewonnen slag ‘recht’ (verticaal) te leggen en die van een verloren slag ‘dwars’ (horizontaal), zodat men kan zien hoeveel slagen gewonnen en verloren zijn. Na afloop wordt de score berekend (puntentelling bij wedstrijdbridge) en stopt iedere speler zijn dertien kaarten in het board. Uit dat board kunnen dan later vier andere spelers precies hetzelfde spel pakken.

Alle boards hebben een uniek nummer. Op het board is aangegeven wie de gever is (noord op spel 1, 5, 9 enz., oost op spel 2, 6, 10 enz., zuid op spel 3, 7, 11 enz., west op spel 4, 8, 12 enz.). Bij wedstrijdbridge is het gebruikelijk dat alle spellen tevoren of bij aanvang van de wedstrijd worden geschud, gedeeld en in de boards worden gestopt. Uiteraard wordt een reeds gespeeld spel niet opnieuw gegeven. De term gever dient dan ook slechts ter aanduiding van degene die met het bieden mag beginnen. De boards bevatten tevens een aanduiding van de kwetsbaarheid die dus op ieder spel tevoren vastligt.

De twee vormen van wedstrijdbridge zijn paren en viertallen.

Zie ook: indivbridge.

Verzamelterm voor alle vormen van bridge waarbij ieder spel aan twee of meer tafels gespeeld wordt. Bij ‘wedstrijdbridge’ is een eerlijke vergelijking van de prestaties van de spelers aan de diverse tafels mogelijk omdat zij dezelfde kaarten krijgen. Het krijgen van ‘goede’ of ‘slechte’ kaarten is derhalve niet van invloed op het uiteindelijke resultaat van de wedstrijd.

Als een spel gespeeld is, dient het in de oorspronkelijke vorm bewaard te worden. Daartoe leggen de spelers na iedere slag hun gespeelde kaarten voor zich omgekeerd op tafel (de vier kaarten van een slag worden dus niet opgeraapt door de partij die de slag gemaakt heeft). Gebruikelijk is een kaart van een gewonnen slag ‘recht’ (verticaal) te leggen en die van een verloren slag ‘dwars’ (horizontaal), zodat men kan zien hoeveel slagen gewonnen en verloren zijn. Na afloop wordt de score berekend (puntentelling bij wedstrijdbridge) en stopt iedere speler zijn dertien kaarten in het board. Uit dat board kunnen dan later vier andere spelers precies hetzelfde spel pakken.

Alle boards hebben een uniek nummer. Op het board is aangegeven wie de gever is (noord op spel 1, 5, 9 enz., oost op spel 2, 6, 10 enz., zuid op spel 3, 7, 11 enz., west op spel 4, 8, 12 enz.). Bij wedstrijdbridge is het gebruikelijk dat alle spellen tevoren of bij aanvang van de wedstrijd worden geschud, gedeeld en in de boards worden gestopt. Uiteraard wordt een reeds gespeeld spel niet opnieuw gegeven. De term gever dient dan ook slechts ter aanduiding van degene die met het bieden mag beginnen. De boards bevatten tevens een aanduiding van de kwetsbaarheid die dus op ieder spel tevoren vastligt.

De twee vormen van wedstrijdbridge zijn paren en viertallen.

Zie ook: individueel

Gepubliceerd op 27-06-2017