Bijlesnetwerk

Bijlesnetwerk verzorgt bijles in heel Nederland

Gepubliceerd op 08-12-2016

2016-12-08

Sterke en zwakke werkwoorden

betekenis & definitie

Een sterk werkwoord is een werkwoord dat van klank verandert als je het in de verleden tijd zet. Bij zwakke werkwoorden treedt geen klankverandering op.

Werkwoorden geven een actie aan (bijv. zitten, slapen, rennen). Als je over deze actie in de verleden tijd spreekt, zijn er twee verschillende manieren van vervoegen.

ZWAK:
Bij zwakke werkwoorden plaats je gewoon –de(n) of –te(n) achter de stam.

Voorbeeld:
- Ik werkte gisteren.
- Zij antwoordden niet.
- Jij rende weg.

STERK:
Voor sterke werkwoorden werkt dit anders. Hierbij veranderen meestal de klinkers in het werkwoord.

Voorbeeld:
- We sliepen nog
- Hij reed weg
- Zij versloeg hem.

Dit is dus niet: we slaapten nog, hij rijdde weg, zij verslade hem, zoals je bij zwakke werkwoorden zou verwachten.