Schepping betekenis & definitie

Schepping, dat wat God heeft geschapen: de wereld.

Schepping in de betekenis ‘het maken, het vormen van iets; creatie’ is niet specifiek bijbels. Maar wanneer het woord gebruikt wordt ter aanduiding van de wereld, is bijbelse invloed niet te ontkennen: de schepping als dat wat God geschapen heeft, zoals wordt verteld in de eerste twee hoofdstukken van het bijbelboek Genesis. We komen het woord in deze betekenis in de bijbel tegen in het Nieuwe Testament, bijvoorbeeld in Romeinen 8:22, ‘Wij weten dat de hele schepping nog altijd als in barensweeën zucht en lijdt’ (NBV). Het woord komt niet in deze betekenis voor in de Statenvertaling (1637) en in de oudere geraadpleegde bijbelvertalingen, alhoewel de woorden scheppen en schepper daarin wel gebruikelijk zijn.

Bijbelcitaat: NBG-vertaling (1951), Marcus 16:15. Zie hierboven.

Gebruiksvoorbeeld: In de hele schepping is niets zo raadselachtig, boeiend, verbijsterend en heilig als het menselijk individu! (K.V. Hurley en T.E. Dobson, Welk type ben ik? Het enneagram als sleutel tot de negen persoonlijkheidstypes, 1994)

Gebruiksvoorbeeld: [...] dat het CDA kiest voor ‘een verantwoordelijke samenleving waarin mensen bewust voor hun verantwoordelijkheid willen staan, voor zichzelf, voor anderen en voor de schepping als geheel.’ (NRC, sept. 1994)

Gepubliceerd op 11-05-2017