2019-10-21

zwaarmoedig

zwaarmoedig - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: zwaar-moe-dig 1. in een zeer sombere stemming ♢ zij was nogal zwaarmoedig in het gesprek Bijvoeglijk naamwoord: zwaar-moe-dig ... is zwaarmoediger dan ... het zwaarmoedigst de/het zwaarmoedige ... iets zwaarmoedigs S...

2019-10-21

zwaarmoedig

zwaarmoedig - Bijvoeglijk naamwoord 1. met neiging tot somberheid De mijnwerker heeft een zwaarmoedig bestaan. zwaarmoedig - Bijwoord 1. met neiging tot somberheid De mijnwerker kijkt zijn toekomst zwaarmoedig tegemoet. Woordherkomst Samenstellende afleiding van zwaar en gemoed met het achtervoegsel -ig Verwante begrippen droefgeestig, melancholiek, weemoe...

2019-10-21

ZWAARMOEDIG

ZWAARMOEDIG, bn. bw. (-er, st), terneergeslagen, steeds het ergste voorziende: hij is in den laatsten tijd erg zwaarmoedig; in eene zwaarmoedige bui, droefgeestig. ZWAARMOEDIGHEID, v.

2019-10-21

Zwaarmoedig

zie Bedroefd.