Zoveel
[het accent wisselt], I. onbep. hoofdtelwoord, gebruikt wanneer het nauwkeurige getal of aantal er niet toe doet of niet bekend is : hij krijgt zoveel; ook met herhaling van het eerste lid : zoen zoveel; vooral ter aanduiding van een aantal eenheden van lagere rang: eenendertig gulden zoveel; honderd en zoveel gulden...