Wat is de betekenis van zoon?

2025-12-13
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Zoon

m. (-s, zonen), 1. kind van het mannelijk geslacht : mevrouw B. beviel Zondag van een welgeschapen zoon ; — zulk een kind in betrekking tot zijn vader of moeder: haar oudste zoon ; hij is enige zoon; volwassen, getrouwde zoons; — hij is de zoon van zijn vader, aardt naar zijn vader ; — de zoon van mijn (zijn)...

2025-12-13
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek (2009-heden)

zoon

mannelijk kind van iemand. mannelijk kind van iemand. Voorbeelden: Op dit ogenblik is de situatie zo dat verweerster, aanlegster op tegeneis wellicht gezien het verblijf en de domiciliëring bij de moeder de volledige toekenning van het kindergeld zal worden toegekend. Dat is op het ogenblik voor beide kinderen samen inbegrepen h...

2025-12-13
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

Zoon

Zoon - Zelfstandignaamwoord 1. aanduiding van Jezus Christus als een van de drie Personen van de god van het christendom

2025-12-13
Bijbels Lexicon

Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart (2017)

Zoon

De verloren zoon, de zoon in de gelijkenis die na lange tijd weggeweest te zijn weer thuiskomt; (fig.) iemand die na lang wegblijven weer ergens opduikt of na lange tijd een ‘verkeerd’ leven geleid te hebben weer op het rechte pad is. Iemand inhalen als de verloren zoon, iemand groots verwelkomen na lange afwezigheid. De verloren zoon is een uitdr...

2025-12-13
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

zoon

zoon - zelfstandig naamwoord 1. mannelijk kind van iemand ♢ mijn ouders hebben een zoon en een dochter 1. hij is een echte zoon van zijn vader [lijkt erg op zijn vader] 2. van v...

2025-12-13
Dromen encyclopedie

Fink (1998)

Zoon

Ouders kunnen mogelijkerwijs op problemen van hun eigen zoon worden gewezen, waarbij ze misschien zelfs attent worden gemaakt op hun eigen nalatigheid. Wanneer mannen over een - meestal onbekende - zoon dromen, dan worden ze eraan herinnerd dat hun gevoelsleven niet helemaal in orde zou kunnen zijn. (Zie ook ‘Kind’, ‘Dochter&rsquo...

2025-12-13
Art & Architecture Thesaurus

Getty Research Institute (1990)

zoon

zoon - Mannelijk nageslacht.

2025-12-13
Droom lexicon

G. Senger (1985)

Zoon

Ouders kunnen in de droom op feitelijke problemen van hun zoon worden geattendeerd, voor zij zich daarvan in het dagelijkse leven bewust zijn. Wanneer dus in de droom uw eigen kind verschijnt, is het nodig uw instelling tegenover hem en de gehele gezinssituatie ernstig te overwegen. Het onderbewuste beseft meestal eerder bepaalde problemen dan het...

2025-12-13
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Zoon

s., soan, pl. soannen; jonge.

2025-12-13
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

zoon

m. zonen of zoons, zoontje (1 jongen, knaap, met betrekking tot de ouders; kind van het mannelijk geslacht; 2 afstammeling; 3 volgeling; leerling): 1 Filips II, de zoon van Karel V; vijf meisjes en geen zoon; de énige zoon; als aanspr. verg. Vader: mijn zoon, wees bedaard; de Zoon des mensen, Christus; hij is de zoon van zijn vader, verlooch...

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2025-12-13
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

zoon

(zo:n) m. (zonen, -s; -tje) I. Eig. wezen van het mannelijk geslacht dat door een ander is voortgebracht nl. 1. a. kind van het mannelijk geslacht : hij heeft vier -s en geen meisje; de enige -; mevrouw N. beviel gisteren van een welgeschapen -; een volwassen, getrouwde -; de →: verloren -; boeren-, klein-, pleeg-, schoon-, stief-, voorzoo...