Wat is de betekenis van zomen?

2025-12-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Zomen

(zoomde, heeft gezoomd), van zomen voorzien, zomen vouwen en naaien aan : handdoeken zomen.

2025-12-17
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

zomen

zomen - Werkwoord 1. van zomen voorzien zomen - Zelfstandignaamwoord 1. meervoud van het zelfstandig naamwoord zoom Zie ook zoomen

2025-12-17
Lexicon voor de kunstvakken

Wouter van Boesschoten, Wieneke van Breukelen, Ton Konings m.m.v Henriette Coppens, Eefje Lonis, Jos van Waterschoot & Simon Wienke (2002)

zomen

Zomen is een techniek om de randen van textiel tegen rafelen te beschermen; zie ook zigzaggen.

2025-12-17
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Zomen

v., seamje.

2025-12-17
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

zomen

zoomde, h. gezoomd (omboorden, een zoom maken om): een handdoek zomen.

2025-12-17
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

zomen

('zo:mən) (zoomde, heeft gezoomd) van een zoom voorzien: een zakdoek -.

2025-12-17
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

zomen

(zoomde, heeft gezoomd), van een zoom voorzien.

2025-12-17
Etymologisch Woordenboek

Instituut voor de Nederlandse taal

zomen

zomen Zie: zoom

2025-12-17
Prisma Nederlands-Spaans

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2025-12-17
Prisma Nederlands-Frans

Unieboek | Het Spectrum (2025)

Wil je toegang tot alle 16 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2025-12-17
Prisma Nederlands-Engels

Unieboek | Het Spectrum (2025)