Zich
wederkerend voornw. (datief en accusatief) van de derde persoon van alle geslachten en getallen: zij geeft zich (3de nv.) moeite; zich het gezicht wassen; zij kwetsen zich (4de nv.); geld bij zich hebben, op zak hebben : iem. bij zich hebben, in diens gezelschap zijn ; — verbonden met zelf om het reflexieve...