Synoniemen van zelfstandig

2019-09-24

zelfstandig

zelfstandig - Bijvoeglijk naamwoord 1. op zichzelf staand Wees toch eens een beetje zelfstandiger! Woordherkomst Samenstellende afleiding van zelf en stand met het achtervoegsel -ig Antoniemen onzelfstandig Verwante begrippen onafhankelijk

Lees verder
2019-09-24

zelfstandig

zelfstandig - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: zelf-stan-dig 1. niet van iemand of iets afhankelijk ♢ hij gaat alleen naar school, hij is erg zelfstandig 1. zelfstandig wonen [niet meer bij je ouders] 2. een zelfstandig beroep [niet bij een baas] Lees verder

2019-09-24

zelfstandig

Werkloos. Sollicitanten wordt meestal aangeraden om in hun curriculum vitae de periodes waarin ze werkloos waren te omschrijven als ‘zelfstandig’ (de Volkskrant, 25-09-1993).

2019-09-24

ZELFSTANDIG

ZELFSTANDIG, bn. bw. (-er, -st), wezenlijk, op zichzelf staande, onafhankelijk: zelfstandig oordeelen, optreden; zelfstandig handelen, bij zijne handelingen vrij zijn van den invloed van andere personen; een zelfstandig bestaan hebben, in eigen behoeften kunnen voorzien; — (spraakk.) zelfstandig naamwoord, een der tien rededeelen van eene taal; zelfstandig werkwoord, het werkwoord wezen of zijn wanneer het niet als hulpwerkwoord gebezigd is.

2019-09-24

Zelfstandig

zie Onafhankelijk.