Wat is de betekenis van Weerlicht?

2019
2021-04-13
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

weerlicht

weerlicht - Zelfstandignaamwoord 1. lichtverschijnsel door elektrische ontlading (bliksem) bij onweer op afstand, waarbij de donder niet hoorbaar is. weerlicht - Werkwoord 1. onpersoonlijke tegenwoordige tijd van weerlichten Woordherkomst samenstelling van weer en licht

Lees verder
2018
2021-04-13
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

weerlicht

weerlicht - zelfstandig naamwoord uitspraak: weer-licht 1. een lichtflits door de lucht ♢ we zagen een weerlicht in de verte Zelfstandig naamwoord: weer-licht het weerlicht de weerlichte...

Lees verder
2007
2021-04-13
Scheldwoordenboek

Geschreven door Marc de Coster © 2007

weerlicht

(verouderd) (vaak voorafgegaan door luie, malle, stomme enz.) persoon. Het verwijt wordt aangeduid door wat voorafgaat. Luie weerlicht vinden we o.a. terug bij De Bo. Syn. bliksem.Aap, Luisbos, Malle Weerlicht, en soortgelyke woorden, zyn de naamen, waarmede hy zyne vrienden begroet, wanneer hy geestig wil zyn. (De Philanthrope of Menschenvriend, 1...

Lees verder
1997
2021-04-13
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

weerlicht

Weerlicht werd door de gelovige mens gezien als een voorbode van onheil. In het hele taalgebied komt de verwensing loop naar de weerlicht ‘donder op, maak dat je wegkomt, scheer je weg’ voor. De weerschijn van zeer ververwijderde bliksems wordt gebruikt als beeld voor vernietigend vuur, tevens voor vernietigende krachten, verniet...

Lees verder
1993
2021-04-13
Peter Timofeeff

Prisma van het Weer

Weerlicht

Onweer zonder donder. Dit verschijnsel wordt veroorzaakt door de bliksem. Het onweer is in dit geval echter zo ver verwijderd dat het geluid niet hoorbaar en de eigenlijke bliksemstraal niet zichtbaar is. Er is uitsluitend een oplichtende wolk op grote afstand te zien. Metingen hebben uitgewezen dat donder in het algemeen niet meer hoorbaar is als...

Lees verder
1981
2021-04-13
zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

weerlicht

het ’s nachts zichtbare oplichten van bliksem, behorend bij een onweer dat zo ver verwijderd is dat men de ermee gepaard gaande donder niet meer hoort.

1973
2021-04-13
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

weerlicht

I. m./o., verre bliksem, waarbij de donder niet gehoord wordt; II. m., (als krachtterm) hel; duivel: als de -, zeer snel, schielijk of onmiddellijk.

Lees verder
1952
2021-04-13
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Weerlicht

s.n., wjerljocht.

1949
2021-04-13
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Weerlicht

weerschijn tegen de wolken van een ver verwijderde onweersbui.

1933
2021-04-13
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Weerlicht

de weerschijn van een verwijderden bliksemstraal. ➝ Bliksem.

1916
2021-04-13
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Weerlicht

Weerlicht - Bliksemflitsen van onweersbuien, op zeer grooten afstand waargenomen in warme zomernachten.

1898
2021-04-13
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

WEERLICHT

WEERLICHT - o. weerschijn van zeer ver verwijderde bliksems waarvan de donder niet gehoord kan worden; —, v. (verwensching) loop naar de weerlicht; (gemeenz.) als de weerlicht, zeer snel, schielijk.

Lees verder