Wat is de betekenis van Weer?

2019
2021-03-05
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

weer

weer - Zelfstandignaamwoord 1. (n) (meteorologie) de atmosferische omstandigheden 2. (m) (dierkunde) een gesneden ram of geitenbok 3. (m) bezig zijn (zich te weren): in de weer zijn 4. (n) aantasting, mede door invloed van licht en vochtigheid Doordat de tent nat werd o...

Lees verder
2018
2021-03-05
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

weer

weer - bijwoord, zelfstandig naamwoord 1. opnieuw ♢ je hebt weer een koekje gepakt! 1. ze heeft weer eens gelogen [voor de zoveelste keer] 2. hoe laat begint de les ook al weer...

Lees verder
2017
2021-03-05
Digischool

Begrippenlijst toerisme

Weer

Weer is de toestand van de dampkring op een bepaalde plaats en op een bepaalde tijd. Kenmerken van het weer zijn temperatuur, wind en neerslag.

1993
2021-03-05
Peter Timofeeff

Prisma van het Weer

Weer

1. Toestand van de atmosfeer op een bepaalde plaats en op een bepaald tijdstip. Het is in feite het geheel van alle meteorologische grootheden, zoals temperatuur, luchtdruk, windrichting en -snelheid, vochtigheid, neerslag en bewolking. De wetenschap, die zich met de bestudering van het weer in het algemeen bezighoudt, is de weerkunde of meteorolog...

Lees verder
1990
2021-03-05
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

weer

weer - De toestand van de atmosfeer met betrekking tot factoren zoals wind, temperatuur, bewolking, vocht en druk. Gebruik 'klimaat' voor alle atmosferische variaties op een specifieke geografische locatie op langere termijn.

1982
2021-03-05
Encyclopedie van Zeeland

Alles over Zeeland

WEER

Afsluiting van teen of staken in een V-vorm op de ondiepe zeebodem, gebruikt bij de visvangst (weervisserij). De benen van de V-vorm, de zg. vleuten, hebben doorgaans een lengte van 700 a 800 m. De weer staat altijd met de punt in de richting van de open zee; in die punt is een opening waaraan een fuik bevestigd is. De vis die bij afgaand water in...

Lees verder
1981
2021-03-05
zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

weer

de toestand van de dampkring (troposfeer) gedurende een korte tijd en in een klein gebied. Bepalend voor het weer zijn: temperatuur, bewolking, wind en vochtigheid. Het gemiddelde weer, genomen over een groot aantal jaren, noemt men het klimaat van een plaats.

Lees verder
1971
2021-03-05
Watersport A-Z

Watersport A-Z, Kramer (1971)

Weer

Weer - zwarte schimmelplekjes, ontstaan door het vochtig op bergen van zeildoek e.d. zonder dat dit kan ventileren. Vooral katoen is er gevoelig voor. Zit er eenmaal weer in een zeil, dan is het er niet meer uit te verwijderen.

Lees verder
1958
2021-03-05
Encyclopedie van Friesland

Encyclopedie van Friesland (1958) onder redactie van Prof. Dr. J.H. Brouwer

WEER

in het volksgeloof (Engels: weatherlore). Als de leeuweriken vóór Lichtmis (2 febr.) zingen, heeft men nog koud en slecht W. te wachten. Als in het voorjaar, bij invallende koude, de kieviten in troepjes samenscholen en de nabijheid der menselijke woningen opzoeken, zal de koude blijven aanhouden.Roept de koekoek vóór de...

Lees verder
1949
2021-03-05
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Weer

de toestand van de dampkring op een bepaalde plaats en een bepaalde tijd onder invloed van de samenwerking van verschillende meteorologische factoren. De som van alle weersgesteldheden op een bepaalde plaats in de loop der tijden noemt men klimaat.

1933
2021-03-05
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Weer

➝ Weder.

1916
2021-03-05
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Weer

Weer - Zie GEWERE.

1898
2021-03-05
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Weer

Het begrip weer heeft 6 verschillende betekenissen: 1. weer - WEER - WEDER, m. (-en), gesneden ram; (Zuidn.) schaap; (sterrenk.) hamel, ram. 2. weer - WEER - v. verdediging tot lijfsbehoud, weerstand : zich te weer stellen, weer bieden, zich verdedigen; beweging; veel weers (moeite) hebben; vroeg in de weer zijn, vroeg op, vroeg aan den arbeid zij...

Lees verder