Wat is de betekenis van wee?

2019
2021-01-19
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

wee

wee - Zelfstandignaamwoord 1. (medisch) pijnlijke samentrekking die het barensproces inleidt. De weeën zijn al begonnen. 2. jammerklacht, smart, verdriet Dat ging met veel ach en wee gepaard. wee - Bijvoeglijk naamwoord 1. onaang...

Lees verder
2018
2021-01-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

wee

wee - bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord 1. slap en misselijk ♢ ik ben wee van de honger 1. een weeë lucht [waar je misselijk van wordt] 1. pijnlijke samentrekking...

Lees verder
1997
2021-01-19
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

wee

Het tussenwerpsel wee doet dienst als een onheil voorspellende, rampspoed of bestraffing aankondigende uitroep; als een uitroep waarmee een vervloeking over iets of iemand uitgesproken wordt; als een uitroep ook die dient ter verwensing, waarschuwing of dreiging. Wij treffen het vanouds vaak aan in de bijbel. “Wee v phariseen dat... gh...

Lees verder
1973
2021-01-19
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

wee

I. tw., 1. uitroep van smart, droefheid of ontsteltenis: ach en roepen; mij, ons (onzer)! welk ongeluk treft mij (ons)!; 2. als bedreiging: — je gebeente als; II. zn. o., v. en m. (-ën), 1. ongeluk, ramp; 2. smart, pijn: het doet me —, het doet mij zeer; vandaar: doodshemd; 3. m.n. geboorte-, persweeën, (soms pijnlijke)...

Lees verder
1933
2021-01-19
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Wee

(Wehe), dorp in de Gron. gem. → Leens.

1900
2021-01-19
Collectie Nederland

Collectie Nederland: Musea, Monumenten en Archeologie

wee

Eenheid waarin bast (o.a. voor steigerbouw) werd geleverd.

1898
2021-01-19
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Wee

zie Pijn.

1898
2021-01-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Wee

Het begrip wee heeft 3 verschillende betekenissen: 1. wee - WEE - o.(-ën), smart, pijn : het doet me wee, het doet mij zeei; inz. de (barens)weeën, pijnen eener barende vrouw : de lichte, valsche weeën, die het baren een geruimen tijd voorafgaan; de zware weeën, die het baren onmiddellijk voorafgaan of vergezellen; — onge...

Lees verder