2020-04-06

waaruit

waaruit - voornaamwoordelijk bijwoord uitspraak: waar-uit 1. uit wat of uit welk(e) ♢ Zwarte Piet droeg een grote zak waaruit de pakjes tevoorschijn kwamen Voornaamwoordelijk bijwoord: waar-uit

2020-04-06

waaruit

bw. 1. ('wa:r) uit wat, wie (vragend): bestaat dat? 2. ('uit) uit welke, hetwelk: de stam hij geboren werd.